Even iedereen gedag zeggen en dan richting Dar El Salaam rijden. We moesten de auto eerst wel weer even aan duwen. Het wordt nu wel echt tijd voor een nieuwe accu. Onderweg is er niet veel gebeurd. We hebben 450 km gereden. Wel hebben we twee vrachtwagens gezien die om waren gewaaid en nog een flinke brand die net naast de weg was. We zijn vrij vroeg gestopt, dit omdat we wel een aardig plekje zagen waar we konden slapen. Vlakbij een rivier. Een man die daar vlakbij woonde wist in gebrekkig Engels uit te leggen dat er een waterval van ongeveer 20 meter was en een meertje met krokodillen en nijlpaarden. Dit op tien minuten loop afstand dus wij zijn gelijk maar een stuk gaan lopen. De waterval bleek geen 20 meter hoog te zijn het was meer een stroomversnelling. Bij het meer zijn we even gaan zitten en kijken naar het water. Even later kwam er een man naar ons toe om een praatje te maken. Hij vroeg om een pomp voor zijn tuin. We begrepen niet helemaal wat hij bedoelde en daarom zijn we mee gelopen naar zijn tuintje. Hier groeide wat tomatenplanten en nog wat andere planten. Hier wilde hij een pomp voor hebben om het water te geven. Nu deed hij dat met de hand. Maar ja waar zijn tuintje was daar was geen elektriciteit en geld voor diesel had hij waarschijnlijk ook niet. We hebben hem maar een idee gegeven om een paar geulen door zijn tuintje heen te maken en dan hoeft hij het alleen boven in een gat wat water te gooien. Deze man had een fiets en een bootje. Dit bootje was echt nog zo een boot die uit een stam is gemaakt. Terwijl we daar naar zaten te kijken zat hij een rauwe vis te eten (waarschijnlijk).
Ja ja het is oppassen geblazen. Al die krokodillen.